Menu

Realisten 2011

“Twintig procent doen en tachtig procent kijken”, dat motto zegt veel over de verhoudingen tot je werk en de benadering van de leerlingen.
Het gaat hier om een opmerkelijk kunstenaarschap dat zich op een geheel eigen wijze heeft ontwikkeld. Niet via de gebaande paden van de academie, maar in de leerschool van de praktijk. De relatie meester – gezel is hier bepalend geweest. Het zit in Roberts genen. Dat is een geschenk. De een krijgt dit, de ander dat. Zo is het lot van het leven. Maar talent moet wel aangeboord en aangestuurd worden om tot bloei te kunnen komen.

Het werk kenmerkt zich door een extra verdieping. Het gaat verder dan realisme. Het zoekt naar de laag daaronder om het een laag daarboven te geven. Het geeft een knipoog. Je moet als kijker door blijven denken, krijg je te verstaan. Het gaat om het magische. Daar waar woorden tekort gaan schieten.
Blikken vangen portretten in blik. Kleine oude poppenkopjes, kapot en versleten, worden weer vitaal. Portretten ondergaan een gedaanteverwisseling, blijken wel portret maar met een contrasterende uitstraling die verwachtingspatronen doorbreekt. (Ook een sterke kant in je werk; de titels, duiden op een literair talent!)
Het werk heeft net die extra dimensie die het zo boeiend maakt. Voor de schilder is het avontuur af. Voor de kijker gaat het beginnen met de vraag naar de magische wereld achter het werk.

Het doorbreekt waar we gewend aan zijn. Het zet ons op een ander been. Een aanvankelijk liefelijk ogende combinatie krijgt een plotselinge wending. Het valt niet in verwachtingspatronen die we hebben. Hier wordt het magisch en laat ons raden en zoeken naar wat het zou kunnen zijn. Het werk heeft een eigen leven gekregen. Het geeft het raadsel op van zijn bestaan.

 

Kees van der Windt, oud-wethouder Cultuur en Recreatie te Vlaardingen en
huidige voorzitter van de Stichting Mareado,
juni 2010 (samenvatting openingswoord expositie)
Realisten 2011

Pin It on Pinterest

Share This